terms-of-service

Algemene voorwaarden koeriersdiensten

Artikel 1. Definities

In deze voorwaarden wordt verstaan onder:
AVC: Algemene Vervoerscondities 1983, zoals laatstelijk vastgesteld door de Stichting Vervoeradres en gedeponeerd ter griffie van de Arrondissementsbank te Amsterdam en Rotterdam.

CMR: Verdrag betreffende de overeenkomst tot internationaal vervoer van goederen over de weg (Geneve 1956).

Koerier: degene die zich jegens de afzender heeft verbonden zo spoedig mogelijk een zending te vervoeren en aan de geadresseerde af te leveren, waarbij het aflevertijdstip dan wel de aflevertermijn waarop de zending in ieder geval moet worden afgeleverd, bij de opdracht wordt overeengekomen.

Zending: een zaak dan wel het geheel van zaken dat gelijktijdig vervoerd wordt en bestemd is voor een ontvanger.

Afzender: de contractuele wederpartij van de koerier.

Ontvanger: geadresseerde of (mede)bewoner dan wel ondergeschikte werkzaam op het afleveradres aan wie de koerier de zending dient af te leveren.

Overmacht: een omstandigheid die een zorgvuldig koerier niet heeft kunnen vermijden en waarvan zulk een koerier de gevolgen niet heeft kunnen verhinderen.

Artikel 2. Werkingssfeer

Op binnenlandse koeriersdiensten zijn naast deze voorwaarden de AVC van toepassing voor zover daarvan in deze voorwaarden niet word afgeweken.
Op grensoverschrijdende koeriersdiensten is van toepassing het CMR, alsmede de met het CMR niet strijdige bepalingen uit deze voorwaarden.

Artikel 3. Verplichtingen van de koerier

De koerier is verplicht de overeengekomen zending op de overeengekomen plaats en tijd in ontvangst te nemen. Indien de koerier niet voldoet aan de in lid 1 genoemde verplichtingen heeft de afzender het recht, onverminderd zijn recht schadevergoeding te vorderen, de overeenkomst onmiddellijk op te zeggen. De koerier is verplicht de zending uiterlijk op het overeengekomen tijdstip dan wel binnen de overeengekomen termijn af te leveren aan de ontvanger. Artikel 16 AVC inzake vertraging is niet van toepassing.

Artikel 4. Verplichtingen van de afzender

De afzender is verplicht ter voldoening aan douane- en andere formaliteiten, welke voor de aflevering van de goederen moeten worden ingevuld, de nodige bescheiden bij de vrachtbrief te voegen en ter beschikking van de koerier te stellen en hem alle noodzakelijke inlichtingen te verschaffen.

Artikel 5. Zending beschadigd doch inhoud nog bruikbaar

Indien de door de koerier ontvangen zending niet wordt afgeleverd in dezelfde staat als waarin hij de zending heeft ontvangen, doch de inhoud ervan nog wel kan worden aangewend voor het doel waarvoor het bestemd, is de koerier, behoudens overmacht, verplicht de schade aan de zending zelve te vergoeden tot maximaal Euro 453,- per zending. Zending beschadigd en inhoud niet meer bruikbaar of zending manco
Indien de door de koerier ontvangen zending niet ter bestemming wordt afgeleverd of niet wordt afgeleverd in dezelfde staat als waarin hij de zending heeft ontvangen, te gevolge waarvan de inhoud van de zending niet meer kan worden aangewend voor het doel waarvoor het was bestemd, is de koerier, behoudens overmacht, verplicht de daardoor veroorzaakte schade met inachtneming van de volgende bedragen te vergoeden:

– Voor de schade aan de zending zelve maximaal Euro 453,- per zending;
– Voor de schade wegens het niet meer aangewend kunnen worden van de zending voor

het doel waarvoor het bestemd, maximaal 2x de vracht.
Tevens is de overeengekomen vracht niet verschuldigd. Reeds voldane vracht dient als onverschuldigd betaald te worden gerestitueerd.
Vertraging indien de zending word afgeleverd na het verstrijken van het overeengekomen tijdstip dan wel na afloop van de overeengekomen termijn is, behoudens overmacht, de overeengekomen vrachtprijs niet verschuldigd. Reeds voldane vracht dient als onverschuldigd betaald te worden gerestitueerd. Indien de afzender en/of de geadresseerde ten gevolge daarvan schade, niet zijnde schade aan de zending, heeft
geleden, is de koerier gehouden die schade te vergoeden tot een maximum van tweemaal de overeengekomen vracht.
Indien de zending tevens beschadigd is, is de koerier, behoudens overmacht, bovendien aansprakelijk voor de schade aan de zending zelve tot maximaal f 1000,- per zending.
De last, zijn schade te bewijzen, rust op de afzender en/of geadresseerde.
Bij de toepassing van lid 3 van dit artikel komt de koerier een beroep op overmacht niet toe bij: lichamelijke en geestelijke ongeschiktheid van de bestuurder van het voertuig; de ondeugdelijkheid en ongeschiktheid van het voertuig en het materiaal waarvan de koerier zich bediend; voorzienbare verkeerscongestie en/of verkeersdichtheid.

Artikel 6. Bij grensoverschrijdend vervoer is artikel 5 niet van toepassing.

Toelichting
Artikel 5 van deze voorwaarden vermeerdert de aansprakelijkheid van de koerier ten opzichte van de aansprakelijkheid neergelegd in Boek 8: 1102 Nieuw Burgerlijk Wetboek. Op grond van dit artikel is deze vermeerdering van aansprakelijkheid nietig tenzij artikel 5 van deze voorwaarden in een afzonderlijk geschrift, dat de vervoerovereenkomst bevat, wordt vastgelegd. Dat afzonderlijk geschrift bij uitstek is de vrachtbrief. Geadviseerd wordt op de vrachtbrief, naast de verwijzingsclausule naar deze voorwaarden, de tekst van artikel 5 letterlijk over te nemen.

 

 

Transport en logistiek Nederland Algemene Betalingsvoorwaarden

Deze voorwaarden betreffende de betalingen van aan de vervoerder opgedragen vervoer-,opslag- en overige logistieke werkzaamheden, vastgesteld door Transport en Logistiek Nederland, gedeponeerd ter griffie van de Arrondissementsrechtbank te ’s Gravenhage op 1 oktober 1993, aktenummer 238.

Artikel 1 – BETALING

  1. De vracht en verdere op de goederen drukkende kosten zijn bij gefrankeerde zending opeisbaar op het moment dat de afzender/opdrachtgever de vrachtbrief aan de vervoerder overhandigt, dan wel op het ogenblik dat de vervoerder de opdracht aanvaardt.
  2. Indien ongefrankeerde zending is overeengekomen, is de geadresseerde bij inontvangstneming van de goederen verplicht de vracht, het uit anderen hoofde terzake van het vervoer verschuldigde en verdere op de goederen drukkende kosten te betalen; indien hij deze op eerste aanmaning niet voldeed, is de afzender/opdrachtgever hoofdelijk met hem tot betaling verplicht.
  3. Indien de vervoerder -anders dan bij ongefrankeerde zending -op verzoek van de afzender-/opdrachtgever de vracht, het uit anderen hoofde terzake van het vervoer verschuldigde en verdere op de goederen drukkende kosten met betrekking tot het verrichte transport in rekening brengt bij de geadresseerde of een derde, blijft de afzender/opdrachtgever tot betaling van deze bedragen verplicht indien de geadresseerde of de derde deze op eerste aanmaning niet voldeed.
  4. Indien de vervoerder een factuur zendt, is de debiteur verplicht deze binnen 14 dagen na factuurdatum te voldoen.
  5. Facturen worden geacht door de debiteur te zijn geaccepteerd en akkoord bevonden, indien niet binnen acht dagen na factuurdatum de vervoerder een schriftelijk bezwaar heeft bereikt.
  6. Indien de debiteur in verzuim is, is hij verplicht naast de hoofdsom de wettelijke rente te betalen.
  7. Eventuele betalingen zullen vooreerst in mindering strekken op de vervallen rente en vervolgens op de hoofdsom.

Artikel 2 – COMPENSATIE

De afzender/opdrachtgever is niet gerechtigd schuldvergelijking toe te passen ten aanzien van bedragen, welke de vervoeder krachtens enige met hem gesloten overeenkomst in rekening brengt, tenzij de vervoerder de vordering schriftelijk heeft erkend.

Artikel 3 – INCASSO

  1. De vervoeder is gerechtigd om alle noodzakelijk gemaakte buitengerechtelijke en gerechtelijke kosten ter incasso aan degene die gehouden is tot betaling in rekening te brengen. De buitengerechtelijke kosten, met een minimum van 15% van de hoofdsom, zijn eerst verschuldigd vanaf het moment dat de debiteur in verzuim is en de vordering uit handen is gegeven.
  2. Voor de omvang van de buitengerechtelijke kosten geldt de declaratie van de betreffende advocaat, deurwaarder of incassobureau als bewijs.

Artikel 4 – RETENTIERECHT

  1. De vervoerder heeft jegens ieder, die daarvan afgifte verlangt, een retentierecht op goederen en documenten, die hij in verband met de vervoerovereenkomst onder zich heeft. Dit recht komt hem echter niet toe jegens een derde, indien hij op het tijdstip dat hij de goederen ten vervoer ontving, reden had te twijfelen aan de bevoegdheid van de afzender/opdrachtgever jegens die derde de goederen ten vervoer ter beschikking te stellen.
  2. Tegenover de afzender/opdrachtgever of de ontvanger/geadresseerde kan de vervoerder het recht van retentie uitoefenen op goederen, gelden en documenten voor hetgeen hem verschuldigd is of zal worden terzake van het vervoer van de goederen.
  3. Hij kan dit recht tevens uitoefenen voor hetgeen bij wijze van rembours op de goederen drukt.
  4. De vervoerder kan het in de leden 2 en 3 toegekende recht van retentie eveneens uitoefenen voor hetgeen hem door de afzender/opdrachtgever nog verschuldigd is in verband met voorgaande vervoerovereenkomsten.
  5. Zolang de goederen niet op de plaats van bestemming zijn aangekomen, heeft de vervoerder het recht om van de afzender/opdrachtgever te vorderen, dat zekerheid gesteld wordt voor de vracht en alle vorderingen die hij ten laste van de afzender/opdrachtgever heeft of zal krijgen en heeft hij het
  6. recht het vertrek van het vervoermiddel uit te stellen, dan wel eenmaal aangevangen vervoer op te schorten zolang niet aan zijn vordering tot het stellen van zekerheid is voldaan.
  7. De vervoerder is nimmer aansprakelijk voor eventuele schade die uit een uitstel of opschorting als hierboven bedoeld, voortvloeit.

Artikel 5 – PANDRECHT

  1. Alle goederen, documenten en gelden, welke de vervoerder uit welken hoofde en met welke bestemming ook onder zich heeft of zal krijgen, strekken hem tot onderpand voor alle vorderingen, welke hij ten laste van de afzender/opdrachtgever of van de eigenaar heeft of mocht krijgen.
    2. Bij niet voldoening van de vordering geschiedt de verkoop van het onderpand in het openbaar dan wel door middel van onderhandse verkoop, indien
    hieromtrent overeenstemming is bereikt nadat de bevoegdheid tot verkoop is ontstaan.

Artikel 6 – VERVANGENDE ZEKERHEID/UITSTEL VAN BETALING

  1. De schuldenaar kan zich nimmer tegenover de vervoerder beroepen op hem ten aanzien van vorige opdrachten al dan niet uitdrukkelijk verleend uitstel van betaling, hetwelk de termijn van 14 dagen overschreed.
    2. Indien de afzender/opdrachtgever, dan wel een derde namens de afzender/opdrachtgever een onherroepelijke, door de vervoerder geaccepteerde
    bankgarantie stelt voor de in lid 5 van artikel 4 (opschorting) en lid 1 van artikel 5 (pand) bedoelde vorderingen, komen alle rechten die de vervoerder heeft volgens het bepaalde in artikel 4 (retentie en opschorting) en artikel 5 (pand) te vervallen.

Artikel 7 – ADRESWIJZIGINGEN

  1. De afzender/opdrachtgever is verplicht de vervoerder op de hoogte te houden van het adres, waarop hij bereikbaar is.
    2. Eventuele schaden, welke het gevolg zijn van het niet-nakomen door de afzender/opdrachtgever van de verplichting uit lid 1, komen nimmer ten laste van de vervoerder.

Artikel 8

Deze voorwaarden kunnen worden aangehaald als de ‘Transport en Logistiek Nederland algemene betalingsvoorwaarden’.